CHECK: klimaatdocumentaire Michael Moore heeft soms een punt, meestal festival van verouderde en misleidende informatie

De wereldwijde klimaatbeweging verkettert “Planet of the humans” van Jeff Gibbs en Michael Moore. De klimaatdocumentaire werd zelfs even van Youtube gehaald, waar hij gratis te bekijken is. Legt de documentaire enkele ongemakkelijke waarheden bloot? Of is er meer aan de hand? VRT NWS bekeek de documentaire en legde enkele claims voor aan een panel van experten. 

Woensdag 22 april moet een mooie dag geweest zijn voor documentairemaker Jeff Gibbs. Op Earth Day werd de documentaire waar hij al jarenlang aan werkte, internationaal uitgebracht. In Planet of the Humans wil Gibbs een kritische kijk geven op de industrie van de hernieuwbare energie. Die van de zonnepanelen en windmolens, van de elektrische wagens en de batterijen, maar ook van de houtpellets, de biobrandstoffen en de internationale grondstofstromen. 

In de documentaire, die een uur en 40 minuten duurt, wordt een hele resem voorbeelden getoond, statistieken geprojecteerd, claims gemaakt en interviewees aan het woord gelaten. Al die individuele (en veelal Amerikaanse) gevallen kunnen we onmogelijk bespreken in deze ene factcheck. Het goede nieuws: een heleboel energiespecialisten hebben dat al gedaan in blogposts en video’s. Wil je na deze factcheck nog meer informatie, dan kan je die vinden bij de links die onderaan dit stuk meegegeven worden.

Voor dit stuk moest er dus geselecteerd worden. We hebben ervoor gekozen claims te checken die naar de grond van het debat over hernieuwbare energie gaan. Hoe duurzaam zijn de verschillende technologieën? Hoe snel groeit de groenestroomproductie? En slaagt de omschakeling wel? De thema’s die voor ons belangrijk zijn, in Vlaanderen, België en Europa, gestaafd met Vlaamse stemmen en internationale cijfers.

Zonnepanelen gaan minstens dubbel zo lang mee en zijn minstens dubbel zo efficiënt als “Planet of the Humans” beweert

In deze documentaire zijn veel interviews, en dus ook de cijfers die aangehaald worden, wel heel oud. 

Neem nu de eerste scène waarin het over zonnepanelen gaat. De documentairemaker krijgt de tip om een zonnepanelenveld in de stad Lansing, in de Amerikaanse staat Michigan, te gaan bekijken. Dat gebeurt op de voorstelling van de Chevrolet Volt, een hybride auto die op de markt gebracht werd in 2011. De documentairemaker monteert daar vervolgens het bezoek aan het zonnepanelenveld aan, zonder duidelijk te maken wanneer dat bezoek plaatsvond.

Maar de cijfers die genoemd worden, geven een idee: “De efficiëntie van deze zonnepanelen ligt net onder de 8%”. Samen zouden ze 63.000 à 64.000 kilowattuur (kWh) leveren. Het besluit: als een gemiddeld Amerikaans huishouden 6.000 kWh per jaar gebruikt, kan deze centrale tien huishoudens van stroom voorzien. Dat lijkt wel zeer weinig voor een zonnepanelenveld dat in deze docu het grootste van de staat genoemd wordt.

De efficiëntie van de zonnepaneleninstallatie in Lansing, Michigan lag zelfs naar de normen van 2010 erg laag (screenshot uit "Planet of the Humans").

Jasper Vis, senior advisor bij de Nederlandse netbeheerder TenneT, merkt op zijn blog op dat de huidige efficiëntie van zonnepanelen schommelt tussen de 15% en de 20%. “En dat is zelfs aan de lage kant, want tegenwoordig is 24% standaard”, vult Ronnie Belmans aan. Hij is professor Ingenieurswetenschappen aan de KU Leuven en CEO van het onderzoekscentrum Energyville. Hoedanook: een efficiëntie van 8% was zelfs in 2010 al extreem laag. De cijfers in deze scène van de documentaire zijn dus absoluut niet representatief.

En dat zijn ze ook niet wanneer het over de levensduur van zonnepanelen gaat. De documentairemaker raakt op een zonne-energiebeurs aan de praat met een producent die beweert dat sommige panelen maar tien jaar meegaan. Opnieuw komen we niet te weten wanneer de beelden gefilmd zijn.

“Dat is onzin”, stelt onze huisexpert Luc Pauwels resoluut. “In 2010 waren er in Vlaanderen al 100.000 daken met zonnepanelen. Sinds het begin van het subsidiesysteem, midden jaren 2000, zijn die subsidies voor twintig jaar. Minstens vijftien jaar gaat de overheid er dus al van uit dat zonnepanelen twintig jaar meegaan.”

Minstens twintig jaar, want behoudens grote ongelukken gaan zonnepanelen niet zomaar stuk van het ene jaar op het andere. In dit fragment lijken levensduur en gegarandeerde opbrengst met elkaar verwisseld te worden. “Als je een Toyota koopt met vijf jaar garantie, valt die ook niet stil na vijf jaar”, verwoordt Ronnie Belmans (Energyville) het. “Waarschijnlijk is dat cijfer van tien jaar een aansprakelijkheidskwestie”, vermoedt ook Silvia Lenaerts. Ze is vicerector Valorisatie aan de Universiteit Antwerpen, en experte in hernieuwbare energie. “Veel Chinese fabrikanten gaan bijvoorbeeld uit van de periode waarin een zonnepaneel een opbrengst van 100% levert, ongeveer tien jaar dus. Naarmate ze vuil worden, vangen ze minder licht op en daalt de opbrengst.” 

En dan nog daalt die opbrengst niet eens zo snel: met 0,8% per jaar, volgens Jasper Vis van Tennet. “Na 25 jaar is er dan nog 82% van het oorspronkelijke vermogen over”, rekent hij voor.

Windturbines en de sites waarop ze gebouwd zijn, zijn niet verloren na twintig jaar. Meestal krijgen ze een update

De documentairemaker wordt door een groep plaatselijke milieuactivisten meegenomen naar een windturbinepark in aanbouw op de bergtop van Lowell Mountain in de Amerikaanse staat Vermont. De bergtop is ontbost om plaats te maken voor turbines die twintig jaar zouden meegaan.

Wanneer dit gefilmd is? Opnieuw laat de documentairemaker de kijker daar in het ongewisse. Wat opzoekwerk leert ons dat de constructie van de site begon in augustus 2011, en dat die in november 2012 in gebruik werd genomen. Dit beeld is dus minstens 7,5 jaar oud, een eeuwigheid in termen van groene-energietechnologie.

Maar over naar de claim. Worden windturbines echt maar twintig jaar oud?

“Daar gaat men inderdaad vanuit”, beaamt Luc Pauwels. “Zeker de turbines op zee, waarvoor de concessies twintig jaar lopen. Die krijgen het zwaar te verduren door de weersomstandigheden. Na twintig jaar moeten die parken afgebroken worden en de zeebodem in zijn oorspronkelijke staat hersteld. In verhouding is dat kort. Een gascentrale gaat gemakkelijk 35 jaar mee, en onze oudste kerncentrales draaien nu al 45 jaar. Nu, die bepalingen dateren van 2005, 2007. In de praktijk zullen op die plek efficiëntere turbines komen.”

De sector zelf gaat uit dat windturbines in de praktijk tot dertig jaar kunnen meegaan, maar daarom blijven ze niet zo lang staan. “Sommige turbines krijgen updates omdat de nieuwe technologie veel efficiënter is”, gaat Pauwels verder. “De vier molens op de E40 richting Gent bijvoorbeeld, zou je nu al kunnen vervangen door één groter exemplaar. Die vier halen 2,3 megawatt (MW), terwijl er op zee al staan van 9,5 MW. Ook de sector mikt daarop. Zij willen landschapsvervuiling terugdringen, en minder molens moeten onderhouden.” 

Maar eigenlijk is dat naast de kwestie. Windmolens verdwijnen immers zelden. Vaker krijgen ze een update.

“Het is absoluut niet zo dat de hele zaak opgedoekt wordt na 20 à 25 jaar”, verduidelijkt Danielle Devogelaer. Zij is energie-experte bij het Federaal Planbureau. “Je kan bijvoorbeeld nieuwe wieken plaatsen in composietmateriaal, en dan blijft de hele molen draaien in een nieuw jasje.” En wat gebeurt er dan met dat oude materiaal? “De recyclagebusiness begint nog maar net, net omdat de technologie nog zo jong is. Maar van zonnepanelen dacht men aanvankelijk ook dat die de afvalberg zouden vergroten. Nu zien we dat tot 90% gerecycleerd kan worden.” Met de nadruk op kan, want in de praktijk gebeurt dat vandaag nog niet op grote schaal. Er zijn voorlopig gewoon te weinig afgedankte zonnepanelen voorhanden om er een business van te maken.

“Die wieken zijn toch wel een probleem”, nuanceert Ronnie Belmans (Energyville). “Die composietmaterialen, dat zijn verschillende laagjes materialen door elkaar. Dat uit elkaar halen of vermalen voor recyclage, is moeilijker dan bij zuivere plastics. Maar ik zie dat goed komen. Als de fysica het toelaat en iemand geeft er geld voor, dan lukt het uiteindelijk altijd wel.”

Zelfs al zou je de windturbines helemaal willen verwijderen, bijvoorbeeld omdat de opbrengst door de locatie te laag ligt, dan nog zijn de sites niet verloren. “Dat is een van de grote voordelen van wind- en zonne-energie: die sites kan je relatief gemakkelijk een andere bestemming geven”, weet Bram Claeys, algemeen directeur van ODE, de Organisatie Duurzame Energie. “Bij windturbines moet je enkel de sokkel opruimen. Dat is beton dat je uit de grond moet halen, wat elektriciteitskabels en een toegangsweg die je moet opruimen. Maar dat gebeurt bijna nooit, meestal krijgen windturbines een update.” Overigens zal je bij ons niet snel bossen gekapt zien worden, zoals op de bergtop in “Planet of the Humans”, merkt Claeys op. “Daar zijn in Vlaanderen heel strikte regels rond.”

En die verroeste windturbines dan die de documentaire toont? De wetenschapsblogger Ketan Joshi kent de site. Ze stonden in Hawaii en werden verwijderd in 2012. Acht jaar geleden. De grond waarop ze stonden is nu een boerderij.

Groene energie vervangt inderdaad niet overal fossiele brandstoffen

Hoe zit dat? Mark Dom heeft als technicus jarenlange ervaring in de lucht- en ruimtevaartsector en werkte o.a. mee aan de raketmotor van de Europese Ariane 5-raket. Hij brengt in zijn Facebookgroep dagelijks becijferde updates van de nieuwste elementen in het klimaatdebat. Voor hem spreekt de claim vanzelf. “De mensheid is eerst hout beginnen verbranden, daarna turf, dan steenkool, dan olie en dan gas. Dat energieverbruik heeft zich opgestapeld. Groene energie slaat daar nauwelijks een deuk in.” 

De cijfers van het Internationaal Energieagentschap geven Dom alvast gelijk. Houden we natuurlijk gas uit de berekening, een brandstof die evengoed fossiel is en niet hernieuwbaar, dan wordt het aandeel van groene energie nog kleiner.

Martina Hülsbrinck heeft jarenlang in de groene-energiesector gewerkt, onder andere met koolzaadolie. Zij adviseert nu de stad Leuven in de stedelijke MilieuAdviesRaad. Ze wijst erop dat de energiewaarde van hernieuwbare brandstoffen veel lager ligt dan die van fossiele brandstoffen. “Je hebt er veel meer grondstoffen voor nodig. Je kan niet alle fossiele brandstoffen volledig vervangen met hernieuwbare energie. Dat is makkelijk uit te rekenen.”

Alle experten die we contacteren, laten hetzelfde geluid horen: het klopt dat de energieconsumptie wereldwijd blijft stijgen, en dat dat het grootste probleem is. “De beste energie is de energie die je niet gebruikt”, zo vat Luc Pauwels het samen. “Europa zet dan ook in op drie pijlers in haar klimaatbeleid: CO2-reductie, meer energie-efficiëntie én meer hernieuwbare energie.” 

“Ik wil niet wollig klinken, maar we moeten echt anders gaan leven”, vult Silvia Lenaerts (UA) aan. “Minder en duurzamer consumeren, en ons slimmer verplaatsen.” Ook Danielle Devogelaer van het Planbureau ziet een sleutelrol weggelegd voor ons verplaatsingsgedrag. “Transport is een zeer grote verbruiker van aardolie, dat vandaag de grootste hap uit de Belgische energiemix neemt. Het valt bovendien niet onder het Europese emissiehandelssysteem dat vervuilers doet betalen.”

“Sowieso wordt het voor ons land een hele uitdaging”, gaat Devogelaer verder. “Ons grondgebied heeft op dat vlak nu eenmaal minder potentieel dan bijvoorbeeld Scandinavië. Dus zullen we slimmer moeten omspringen met energie. Dat kan door nieuwe technologie in te zetten, zoals led-lampen en warmtepompen.”

Nochtans hoeven een groeiende economie en een dalend aandeel van fossiele brandstoffen elkaar niet per definitie uit te sluiten. 

“Het klopt dat er wereldwijd meer en meer energie verbruikt wordt. Zonder groene energie was dat meerverbruik ook fossiel geweest”, stelt Ronnie Belmans (Energyville). “Maar doorgaans kijkt men naar de uitstoot in verhouding tot het BNP. Vroeger dacht men dat die twee rechtevenredig waren, maar in Europa neemt dat bijvoorbeeld nu sterk af. De breuk is ingezet.” Verschillende experten wijzen specifiek naar Duitsland, dat zijn economie de voorbije jaren heeft doen groeien terwijl het zijn CO2-uitstoot terugdrong

Maar we moeten het zelfs zo ver niet zoeken. “In Vlaanderen behoren we tot de staart van het peloton op vlak van hernieuwbare energie in Europa, maar zelfs bij ons stijgt de hernieuwbare-energieproductie sneller dan de energieconsumptie”, merkt Bram Claeys van ODE op. “Dat tonen de cijfers van het Vlaams Energieagentschap duidelijk.” Die cijfers vind je in de volgende grafiek.

Opvallend: Richard York, de milieusocioloog die in “Planet of the Humans” geïnterviewd wordt (de paper die bij het interview getoond wordt, dateert uit 2012 – al is het jaartal in de documentaire verwijderd), klinkt in een recente paper uit 2019 al wat minder somber. Er heeft een mentaliteitsshift plaatsgevonden, stelt hij vast. “Misschien zijn er redenen tot optimisme, en zullen we een energietransitie zien (…) waarbij hernieuwbare energie effectief fossiele brandstoffen zullen beginnen vervangen.” Dat krijgen we in de documentaire evenwel niet te zien.

Apple en Google kunnen claimen dat ze op 100% hernieuwbare energie draaien, ook al zijn ze nog aangesloten op het elektriciteitsnet

Waarom nemen we deze twee stellingen samen? Omdat ze allebei aanklagen dat hernieuwbare energie nog steeds fossiele energiebronnen nodig zou hebben om te functioneren, aangezien de zon en de wind nu eenmaal niet voortdurend schijnt en blaast.

Danielle Devogelaer van het Federaal Planbureau lacht hartelijk wanneer we haar de vraag voorleggen. “Ik vind het altijd zo vreemd wanneer mensen dat punt maken. Alsof wij daar nog niet aan gedacht zouden hebben. Natuurlijk is die intermittentie er, maar je kan de variabiliteit van de wind en de zon relatief goed voorspellen. En hoe dichter je bij real-time komt, hoe accurater de voorspellingen worden, en hoe beter de netbeheerder daarop kan inspelen. Dan kan je bijvoorbeeld gascentrales aan- of uitzetten.” Maar die gascentrales branden natuurlijk op fossiele brandstoffen.

“Het is pertinent onwaar dat je alleen met fossiele brandstoffen continu energie kan voorzien”, vult Bram Claeys (ODE) aan. “Naast schakelbare gascentrales kan je ook het gebruik sturen, en ervoor zorgen dat bijvoorbeeld iedereen zijn wasmachine opzet of bedrijven gaan produceren wanneer er veel zon of wind is. In de winter van 2018-2019, toen er problemen waren met de kerncentrales, hebben we gezien dat dat kan. Toen werd het verbruik vrijwillig teruggeschroefd in ruil voor een vergoeding van de netbeheerder. Het verplichte afschakelplan is zelfs niet gebruikt. En dan is er nog de derde poot: energieopslag.”

Dat kan in de vorm van waterkracht (de waterkrachtcentrale van Coo pompt bijvoorbeeld water omhoog wanneer er energie over is). Onze experten noemen ook vaak waterstof en batterijen. “Dat is niet meer voor amateurs”, merkt Luc Pauwels op. “Grote bedrijven als Engie, de Antwerpse haven en Fluxys, de beheerder van onze grote gaspijpleidingen, zetten daar nu al projecten voor op.”

Apple kan claimen dat het voor 100% op hernieuwbare energie draait door enkel stroom op te kopen van groenestroomproducenten (screenshot uit "Planet of the Humans")

“Al blijft de installatie van batterijcapaciteit voorlopig nog wel beperkt”, nuanceert Devogelaer. Engie heeft 6 MW opslagcapaciteit geïnstalleerd in Drogenbos, en de aggregator Restore 18 MW in Dilsen-Stokkem. “Er is meer hernieuwbare energie nodig voor het rendabel wordt om er meer in te investeren. Zolang bijvoorbeeld onduidelijk is of de kernuitstap tegen 2025 daadwerkelijk wordt uitgevoerd, kijken investeerders de kat uit de boom.” Een beetje een kwestie van de kip of het ei, dus? “Nee. (lacht) De kip is er al.”

Maar die fabriek van Apple dan. Hoe zit het daarmee?

In het algemeen sluit zo’n verbinding met het elektriciteitsnet niet uit dat een fabriek volledig op hernieuwbare energie draait, legt Luc Pauwels uit. Integendeel. “Fabrieken die hernieuwbare energie opwekken, moeten net aan het elektriciteitsnet hangen. Wanneer er wind en zon is, leveren ze elektriciteit aan het net, en wanneer er geen is, nemen ze ervan af. Ze kunnen dan energiecontracten afsluiten bij groenestroomleveranciers, en op die manier garanderen dat hun verbruik 100% groen is.” En zolang er minstens evenveel geleverd wordt als er afgehaald wordt, klopt de som.

Zo regelt naast Apple ook Google het bijvoorbeeld, die andere technologiegigant die in Planet of the Humans genoemd wordt.

Voor de volledigheid: Tesla, dat ook vermeld wordt, is een ander verhaal. Hoewel de oprichter en CEO, Elon Musk, al verschillende keren heeft aangekondigd dat de fabriek in Nevada in 2019 volledig op hernieuwbare energie zou gaan werken, is dat vooralsnog niet het geval. Op zijn website zegt Tesla zelf dat de fabriek eenmaal ze af is volledig op hernieuwbare energie zal werken (door een combinatie van batterijopslag, zonne-energie en windturbines) maar dat die fabriek nu slechts voor 30% voltooid is. Vooralsnog is het niet duidelijk of Tesla zijn elektriciteitstekorten op dit moment aanvult met gegarandeerde groene stroom van het elektriciteitsnet.

Wat bedrijven als Apple en Google betreft, vindt Belmans (Energyville) dat het vooral een kwestie van perspectief is. “Wie dat wil, kan het hen kwalijk nemen dat ze het op die manier regelen, met groene-energiecontracten. Een positivo zou dan weer kunnen zeggen: fantastisch dat ze op die manier een evenwicht halen. Beiden hebben een punt.”

Voor we naar de laatste claim overgaan, nog even dit: sinds 2013 kopen bedrijven wereldwijd maar liefst vijf keer meer propere energie op. De VS tekent voor meer dan de helft daarvan, zélfs onder het presidentschap van Donald Trump. En het zijn net technologiegiganten als Google die die evolutie aanvuren

Ja, biomassa is de grootste vorm van groene energie wereldwijd, ook in Duitsland. Tenminste, als je biomassa als groene energie ziet

Hier gingen heel wat van onze online bronnen die Planet of the Humans debunkten (en dat verder ook erg sterk deden) de mist in. Het is dan ook een complexe kwestie. Want let op: het gaat hier om energie, niet om elektriciteit. En dat is niet hetzelfde. 

“Energie is meer dan enkel elektriciteit”, legt Luc Pauwels uit. “Dat is bijvoorbeeld ook warmte of de brandstof die transport verbruikt, en die maak je niet met klassieke zonnepannelen of windturbines.” Maar die wordt wel aangemaakt met de ontelbare houtkacheltjes, haarden en -ovens die wereldwijd elke dag huizen warm stoken. Om een idee te geven van hoe de verhoudingen liggen, geeft Ronnie Belmans (Energyville) het voorbeeld van thuisverbruik. Daar ligt het totale energieverbruik gemiddeld vijf keer hoger dan het elektriciteitsverbruik.

Overheden mogen het hout of de pellets die we massaal in kachels verstoken om energie op te wekken, meetellen als groene biomassa. Daardoor neemt biomassa wereldwijd een veel groter aandeel in dan zon en wind in de energieproductie – dat zie je trouwens ook op de grafiek van het wereldwijde energieverbruik die we hierboven meegaven. 

De rol van biomassa in de energieomschakeling is controversieel (screenshot uit "Planet of the Humans).

En het klopt ook voor Duitsland, blijkt uit de cijfers van het IEA (zet wanneer je doorklikt, de indicator van de grafiek op “total final consumption by source”). Zon en wind mogen dan wel leiden in de Duitse elektriciteitsmix, die vormt maar een deeltje van de grotere energietaart. En vooral in het zuiden van Duitsland wordt nogal op hout gestookt, zowel thuis als in centrales, weet Belmans.

Waarom deze documentaire biomassa groene energie noemt? Omdat biomassa, vaak dus bomen, in hun levensduur ook CO2 opnemen. Ze geven bij verbranding dus enkel de CO2 af die ze tijdens hun levensduur hebben opgenomen. “In een ideaal, gesloten energiesysteem, komt er dus nooit extra CO2 bij, wat wel gebeurt wanneer je bijvoorbeeld kolen uit de grond haalt en verbrandt”, legt Luc Pauwels uit. In het wereldwijde energiedebat zijn er voor- en tegenstanders van die redenering, omdat er natuurlijk nog steeds CO2-vrijkomt bij de verbranding van hout.

Alleen worden energie en elektriciteit in deze documentaire evenzeer door elkaar gehaspeld. Neem nu de scène waarin Planet of the Humans-producer Ozzie Zehner vertelt: “We worden belogen. Je hoort dat Duitsland op wind en zon draait. Maar Duitsland is nog altijd de grootste kolenverbruiker van Europa. Een kleine fractie van hun energie komt echt uit wind en zon.” Deze quote wordt geïllustreerd met een snelle montage van (niet geduide) sprekers die percentages opnoemen die in de grootteorde liggen van het aandeel van zon en wind in de elektriciteitsmix. 

Wat er ook van zij, de rol van biomassa in de energieomschakeling blijft controversieel, ook wat elektriciteitsproductie betreft. “Dat vind ik echt tricky”, zegt Lenaerts (UA). “Dat mag je enkel doen met afval waar je verder niks mee kan doen. Maar je kan tegenwoordig bijvoorbeeld ook grondstoffen maken van sommige houtderivaten. Dat is een duurzaam model. Maar je kan geen houtpellets gaan maken met natuurhout.” Waarom Duitsland eigenlijk nog steeds zo afhankelijk is van biomassa, en bij uitbreiding ook steenkool? “Het is een jammere tussenstap, absoluut. Maar ik ben ervan overtuigd dat Duitsland er zal raken. Ze hebben een visie.”

“We zien stapsgewijs dat de energiewende in Duitsland vruchten afwerpt”, vindt ook Devogelaer (Federaal Planbureau). “Je ziet nu al dat ze meer elektriciteit opwekken met wind en zon dan met steenkool en bruinkool. Ze hebben tegelijk besloten om uit kernenergie te stappen, en dat maakt het niet vanzelfsprekend om snel te gaan. Het is alsof je een vliegtuig moet ombouwen terwijl het in de lucht hangt.”

Conclusie: enkele terechte vragen, zeer veel misleidende claims

“Er kan zeker een debat gevoerd worden, maar dit is een enorme gemiste kans.” 

Bram Claeys van ODE vat het gevoel samen dat Planet of the Humans bij wel meer van onze experten heeft achtergelaten. Over de rol van biomassa en hoe die houtstromen over de hele wereld heeft doen ontstaan, toonden ze zich bijvoorbeeld erg kritisch. Ze waren het ook roerend eens over een van dé punten die de documentaire wilde maken: dat de wereldwijde energieconsumptie dringend naar beneden moet.

“Er wordt nog te vaak een strikt wetenschappelijk energiedebat gevoerd, zonder dat er belang wordt gehecht aan het sociale aspect”, merkt Martina Hülsbrinck nog op. “Maar onze energiebehoefte vernietigt ook levensruimte van mens én dier in het Amazonewoud. Dat is wel een belangrijk argument in de docu.”

Maar een debat houden, doe je op basis van feiten. En daar faalt deze documentaire glansrijk. Mark Dom van de Facebookgroep “Klimaatopwarming, de feiten zonder franjes” noemde de documentaire zonder omwegen “tendentieus”.

De rode vlaggen zijn te talrijk. De centrale rol die sterk achterhaalde statistieken, studies en cases krijgen. Het feit dat de kijker niet wordt verteld hoe achterhaald die zijn, aangezien ze niet gesitueerd worden in de tijd, en geïllustreerd met personages of voorbeelden die verder vaak amper geduid worden. De snelle montages die weinig context krijgen en vooral veel suggereren. En de paar keer dat er zonder meer leugens verteld worden (over de “solar dead zone” in Californië die vandaag de dag gewoon een geüpdatete zonnecentrale huisvest, kan u lezen in een van de bronnen die we hieronder oplijsten). Het neigt allemaal vervaarlijk sterk naar desinformatie.

Planet of the Humans is dan ook geen aanzet tot een debat, wat de makers ook mogen beweren. Soms heeft de klimaatdocumentaire een punt. Maar meestal is het een festival van verouderde en misleidende informatie.

Wil je na deze factcheck verder lezen? Deze artikels (en één Youtube-video) vormen een goede aanzet. Ze geven context bij en weerleggen een hele resem scènes en cases in de documentaire die we in dit stuk niet konden bespreken.
– “6 Reasons Why “Planet of the Humans” is a Disaster of Misinformation”
– “Ik zocht de feiten bij de film ‘Planet of the Humans’ van Jeff Gibbs/Michael Moore en gooide halverwege mijn laptop in de tuin
– “Planet of the humans: A reheated mess of lazy, old myths”
– “Planet of the Humans : Let’s just have a think…”



Bron link

Add Comment